Web 2.0 is een octopus
Ik ben dagelijks gebruiker van web 2.0, ik vind er dingen over me vrienden en ik (be)houd contacten. Maar ik gebruik het ook veel voor school, ik kan er presentaties vinden, roosters en ik kan zien of er voor die dag wat uitvalt. Dit laatste is wel interessant want dat doet me meteen denken aan de telefoonketting. Die gebruikten wij op de middelbare school zodra er een les niet doorging. Wat een gedoe, het koste veel tijd voordat iedereen bereikt was. Of dan nam er iemand niet op en dan loopt de ketting niet meer zoals het hoort. Ook houd ik op het internet mijn ontwikkelingen met betrekking tot mijn studie bij. Net zoals meerdere professionals (in pré).
Via web 2.0 kun je leren van elkaar. We delen muziek, video’s, foto’s, onze identiteit, mening en tenslotte onze kennis. In het boek The Cult of the Amateur van Andrew Keen[1] heeft Keen het over de amateurs die gebruik maken van Web 2.0, en hiermee de experts voorbij gaan. Wikipedia is hier een voorbeeld van, ieder wezen op aarde kan hier zijn kennis over vele personen, begrippen en onderwerpen plaatsen. Hij, Keen tekent dit als zeer negatief, maar het internet zorgt er juist voor dat men zich beter kan uiten en dat verborgen talen zich beter kunnen uiten. Neem bijvoorbeeld Esmee Denters bekend geworden doordat ze filmpjes op YouTube plaatste waar ze haar zangtalent toonde. Ze heeft nu getekend bij een bekende platenmaatschappij. Terwijl ze eerder mee deed aan Popstar – The Rivals en niet eens door de voorronde heen kwam. [2]
Door web 2.0 worden wij gestimuleerd foto’s en verhalen over onszelf op internet te plaatsen. Dit is in meerdere opzichten handig. Heb je namelijk een leuke jongen in de discotheek ontmoet en weet je alleen nog zijn naam? Dan typ je zijn naam bij Google in en 9 van de 10 keer vind je de juiste persoon. Via Hyves bijvoorbeeld, je kunt veel te weten komen over een persoon die je nog niet goed kent, je weet wie zijn vrienden zijn en hoe oud hij is en wat zijn favoriete merken zijn. Ook kan de politie hierdoor meer te weten komen over een dader of zelfs een dader opsporen. Foto’s van personen kunnen door gezichtsherkenningstechnieken gescand worden. En door GPS-coördinaten van plekken waar mensen via foto’s op internet gesignaleerd zijn kan de politie deze mensen beter op het spoor komen.[3]
Ook steeds meer bedrijven gaan investeren in web 2.0 toepassingen, denk aan instant messaging. Waarbij je gemakkelijk contact kunt opnemen met een ander via de computer. Ook zien steeds meer bedrijven profielen, van het bedrijf, op o.a Hyves waar collega’s bij elkaar komen. Er zijn nu bedrijven die dit voor zichzelf oprichten. Waar nieuwe berichten geplaatst worden en bijvoorbeeld nieuwe collega’s zich aan iedereen tegelijk kan voorstellen.[4] Ook is er nu een bedrijf PolyTalent die sollicitanten laat solliciteren via de webcam. Wanneer het jou uitkomt zonder afspraak, zonder reistijd.[5] Mij lijkt dit een goed idee aangezien je in eigen omgeving minder zenuwachtig bent en door zenuwen zou je je anders op kunnen stellen. De gene die het filmpje bekijkt kan ook meteen beoordelen hoe de sollicitant zichzelf presenteert en kan verschillende filmpjes makkelijk met elkaar vergelijken. Ook zegt zo’n filmpje natuurlijk meer dan een CV.
Zoals je hebt kunnen lezen wordt web 2.0 op veel gebieden gebruikt. Het heeft veel oplossingen voor hele andere dingen. Vandaar de vergelijking met de octopus met zijn vele tentakels. Het is een goede ontwikkeling omdat iedereen er wat aanheeft, het is niet alleen te gebruiken voor privé-gebruik maar dus ook zakelijk. We kunnen niet zeggen dat het negatief is voor ons of voor bepaalde mensen aangezien web 2.0 gewoon hele nieuwe dingen biedt. Andere mogelijkheden zoals je ook in de inleiding heb kunnen lezen. Als voorbeeld geef ik nog even mee dat de papierenkrant nog steeds naast de digitale krant leeft. Dus iedereen! Leef je uit neem het besluit en leef mee in de wereld van web 2.0!
[1] Andrew Keen is tegenstander van web 2.0 en de laatste tijd een veel besproken persoon.